
Na 132 dagen thuiszitten heb ik eindelijk de perfecte balans gevonden tussen werk en vrije tijd. Mijn conclusie is dat het optimale aantal uren werk per week 0 is.
Laat het duidelijk zijn dat ik met ‘werk’ geen productie an sich bedoel. Ik ben dol op produceren. Onder ‘werk’ versta ik op dit moment contractgebonden arbeid in dienst van een adellijke miljardair die alleen naar kantoor komt om in het midden van de kantine, waar een uitstekende tonijnsteak wordt geserveerd, demonstratief bruine boterhammen uit een plastic zakje te eten.
Een klinisch bruikbaar model is om werk te conceptualiseren als een stoornis op een spectrum, zoals ASS (Autismespectrumstoornissen). Het is een geheel aan symptomen die bij verschillende individuen in meer of mindere mate het functioneren en welzijn beïnvloeden. Hier volgen een paar voorbeelden:
- Systeemplafonds met bruine vlekken
- De noodzaak op een kantoor te poepen
- Geen Kerstpakket ontvangen (of één in de vorm van een verplichte ‘donatie’)
- Als een horige toestemming moeten vragen voor vakantiedagen
- Meetings vóór 11 uur ’s ochtends
- Verplicht Dunglish spreken
- Managers met brokken mortadella in hun baardgroei
- Klachten over de gebrekkige WiFi in de lift
- Spreadsheets met pingpongpoules en -scores
- De Simon Carmiggeltstraat afkorten als ‘SC’ (‘es-cie’)
- ‘Working from Home’ afkorten als ‘WFH’
- Ramen die niet open kunnen
- Quote 500-leden die na het plassen hun handen niet wassen
- Collega’s die te veel of juist te weinig zwangerschapsverlof opnemen
- Collega’s die onironisch naar Coldplay luisteren
- Collega’s die in mijn aura crunchy proteïnerepen kauwen, smakken en slikken
- Gemeenschappelijke toetsenborden met biofilm
- Visumgijzeling van kennismigranten
- Telefoongesprekken van recruiters die managers 30K per maand bieden
- Expats met een Nederlands vocabulaire dat beperkt is tot ‘30%-regeling’
- Uitzicht over een prachtige stad die onder werktijd buiten bereik is
- Tafelvoetbaltafels
- Blootstelling aan de opvatting dat ‘de markt problemen oplost’
- Personen aan de Adderall die andermans burn-out in twijfel trekken
- 30-jarigen die hartaanvallen krijgen
- Seksuele handelingen in de douches op de zesde verdieping
- De facilitaire dienst die van het dakterras af plast
- Psychotische oud-collega’s die met een mes het kantoor binnendringen
Als iemand een baan kent waar deze symptomen niet of in draaglijke mate aanwezig zijn, hit me up. Inmiddels voel ik de hete adem van een ‘inzetbaarheidscoach’ in mijn nek. Een nare term die me steeds doet denken aan het Duitse woord ‘Einsatz’. In de praktijk is het volgens mij een eufemisme voor een reclasseringsambtenaar.
Zo voelt het in ieder geval: als reclassering. Ik ben schuldig aan het grootste economische misdrijf dat je kunt plegen, namelijk een periode waarin ik niet bijdroeg aan het BBP. In tegenstelling tot verdonkeremaning, aanranding of moord staat hier de doodstraf op. Werk je lang genoeg niet, dan zul je immers omkomen van de honger. Zeker in Amsterdam, waar je met een WIA-uitkering precies één matcha latte kunt kopen.
Eerlijk gezegd moet ik de inzetbaarheidscoach deels gelijk geven. De tijd is rijp om me geleidelijk terug het kantoorleven in te storten. De inzetbaarheidscoach vindt dit belangrijk omdat mijn miljardair zijn dochter een eiland in de Malediven cadeau moet kunnen doen.
Mijn motief is zuiverder: ik moet terugkeren voor de juice. Ik ben te lang afgesneden geweest van de kantoorroddels, met desastreuze gevolgen voor verschillende collega’s die van mijn informatietoevoer afhankelijk zijn. Ik hoor de morele lokroep van de achterklap, en ben van plan daarnaar te luisteren.
Blijf dit kantoorfeuilleton volgen voor updates over de reclassering. Verwacht ontwikkelingen rondom bedrijfspsychologen, burn-outborrels en steekspelen waar Game of Thrones bleek bij afsteekt.
Om met Ayn Rand te spreken: ‘The question isn’t who is going to let me; it’s who is going to stop me.’
Reclassering is een potentieel eindeloos feuilleton over mijn geleidelijke heruitzetting in de kantoortuin na een heilzaam verblijf in het vijfsterrensanatorium genaamd Ziektewet.