Vandaag is een bijzondere dag voor de journalistiek. Ik kruip namelijk in de huid, of beter gezegd de korst, van een Kipcorn. Naar mijn weten is dit nooit eerder gebeurd. Van National Geographic tot Volkskrant Magazine – niemand heeft het aangedurfd om dit offer voor de waarheidsvinding te brengen. Lees hoe ik embedded ging op de krokantst mogelijke manier.

11.15
Mensen zijn al volop in de weer, maar voor een Kipcorn is het vroeg. Ik ben nog behoorlijk stijf, maar kom dan ook net uit de diepvries. Samen met mijn zesendertiglingbroers en -zussen heb ik de afgelopen weken doorgebracht in een kartonnen couveuse. Onze ouders hebben we nooit gekend. Maar van een grillburger uit de buurt hoorde ik dat mijn vader een rundvleeskroket was en mijn moeder een Kipkrokantje.
11.30
Het karton wordt opengescheurd. Licht! Vijf dikke, vette stengels dringen krioelend onze knusse incubator binnen. Even denk ik dat het extraverte frikandellen zijn, maar daarvoor zijn ze veel te mobiel. In plaats van paneermeel zijn ze bedekt met kleine zwarte haartjes. Het moeten mensenvingers zijn. Van LinkedIn weet ik wat dit betekent: we gaan de volgende stap zetten in onze carrière. Zin in!
11.40
Wij Kipcorns zijn net Griekse goden. In tegenstelling tot mensen komen we volledig ontwikkeld ter wereld. Het enige waar ik om verlegen zit, is een warm bad. De mensenhand voelt dit perfect aan. Samen met mijn verpakkingsgenoten rolt hij me in een borrelende jacuzzi. Zo te zien is er niet bespaard op badolie.
11.48
De eerste minuten waren een weldaad voor mijn stijve ruggengraat, maar nu heb ik het wel gezien in dit bubbelbad. Hopelijk mogen we hierna even terug de diepvries in. Ik las ergens dat de overgang van warm naar koud goed is om je interne thermostaat te trainen. Gelukkig zie ik daar al een grote zeef naderen, mijn extractie is nabij.
11.50
Natuurlijk, een kleurtje op vakantie is leuk, maar wat hebben ze me nou geflikt? Ik heb nog niet eens in de spiegel gekeken, maar zie in de reflectie van het RVS dat ik één brok hyperpigmentatie ben. Ook mijn familie ligt erbij alsof ze bij de spray tan per ongeluk standje Golden Goddess hebben gekozen. Zo kan ik me toch niet aan de clientèle vertonen?
12.00
Klanten aan de balie. Ik schaam me de cornflakes uit de korst, maar besef ook dat mijn soortgenoten even ordi erbij liggen als ik. Ik geloof mijn coating bijna niet als de gasten allebei een kipcorn bestellen. Misschien speelt mijn Body Dysmorphic Disorder op en zien we er appetijtelijker uit dan ik dacht. Ik span mijn vulling van kippenseparatorvlees extra aan in de hoop dat ik gekozen word. Maar de eer valt twee van mijn broertjes ten deel.
12.15
Ik lig hier nu al een poosje en word er niet jonger op. Het kippencollageen in mijn weefsel gaat de aftakeling niet voor eeuwig tegenhouden. Zat ik nog maar in het karton, daar heerste tenminste solidariteit. Ik heb er geleerd dat alles valt of staat met de juiste mindset. Er is maar één lot dat ik vrees. Een kaassoufflé heeft me er ooit voor gewaarschuwd: wat je ook doet, zorg ervoor dat je niet achter het raam belandt.
12.30
Het is maar goed dat ik niet kan huilen, anders was mijn krokante jasje helemaal papperig geworden. Ik ben gereduceerd tot de automatiek. De hand die me eerder zo warm ter wereld bracht en baadde, heeft me zojuist zonder scrupules in een glazen cel gegooid. Ik schaam me, hoe ben ik zo afgegleden? Soms nemen langslopende toeristen een foto van me. Dan voel ik me helemaal vies.
13.00
Familiebedrijf, mijn cloaca. Al delen we allemaal hetzelfde paneermeel, daar is in deze klaagmuur niets van te merken. Vooral de satékroketten en bamischijven zijn verschrikkelijk over het paard getild. ‘Het is hier de Indische Buurt,’ zeggen ze, ‘wij hebben het voor het zeggen.’ Nou, ondertussen zijn ze goedkoper dan wij Kipcorns. Maar ik schrok er wel van toen eentje zei dat een kwajongen deze ochtend nog een dode halsbandparkiet in mijn cel heeft neergelegd.
14.00
Mijn gemodificeerde zetmeel, mijn ascorbinezuur, mijn soja-eiwitconcentraat – alles doet pijn. Ik durf er niet aan te denken hoe ik erbij lig. Gelukkig heb ik mijn mindset nog. En het rotsvaste geloof dat een kwak kwaliteitssaus al mijn kwaaltjes kan verhelpen. O, om in een vers uitgeknepen zakje mosterd gedoopt te worden… Daar snak ik naar. Excuus: daar snack ik naar.